Nogmaals naar ouder worden kijken 

(Looking again at aging)

 Door Tim Jackins op de workshop voor referentiepersonen, West Coast, VS, Januari 2004

Degenen onder ons die al tientallen jaren in HC zitten worden ouder. Veel samenlevingen richten een heleboel ontmoedigende boodschappen op mensen als ze ouder worden. Mensen worden slecht behandeld als de maatschappij geen manier meer kan vinden om ze uit te buiten, als ze geen grote winstmarges meer uit ze kan peuren. Het verhogen van de pensioenleeftijd is niet alleen bedoeld om geld uit te sparen voor de sociale zekerheid. Het is er ook voor bedoeld om een voorraad overtollige werkkracht in stand te houden.

 Kapitalisme knabbelt de hele tijd iets van de randjes van ieders leven. De ontmoediging die onze samenleving rondbazuint besmet ons allemaal. We weten wel beter maar daarmee is het niet opgelost want we hebben niet het nodige ontlaadwerk gedaan. Velen van ons voelen zich ontmoedigd want wij hadden betere kansen dan alle andere mensen die we kennen, en toch denken we dat we niet gedaan hebben wat we hadden moeten doen. Dat we niet genoeg gedaan hebben, dat we niet de strijd gestreden hebben die we hadden moeten strijden. We hadden moeten, we hadden moeten, we hadden moeten, en nu is het te laat. Pffff...

 Natuurlijk is dat allemaal niet waar. Het is niet waar dat we het anders hadden moeten doen. Gezien de omstandigheden die we meemaakten, gezien wat we wisten en gezien de ondersteuning die we hadden, hebben we de wereld behoorlijk vooruit geholpen. Er is niets als fout aan te wijzen in wat we gedaan hebben en het is op geen enkele manier waar dat we geen keuzes meer hebben.

 De ontmoediging die de maatschappij op ouderen uitstort moeten we aanpakken. Het is een deel van de onderdrukking van oudere mensen. We moeten het in het bijzonder aanpakken binnen de HC-gemeenschap. Anders kunnen we niet vechten voor het leven dat we willen. Als je een bepaalde leeftijd bereikt wordt er van je verwacht dat je het opgeeft. Maar in wat voor levensomstandigheden je je ook bevindt, het is nooit zinvol om het op te geven om te vechten voor wat jij wilt. En ook niet om op te geven dat wat jij wilt iets groots kan zijn. Hoewel dat per leeftijd en per cultuur kan verschillen, worden we door de maatschappij altijd geconditioneerd om ‘kleiner’ te denken dan onze geest van nature doet.

 We nemen boodschappen en pijnpatronen over ouder worden, over oud zijn, in ons op vanaf het eerste moment dat er mensen om ons heen zijn. Deze boodschappen brengen ons in verwarring. Ieder mens heeft het nodig dat er over haar of hem wordt nagedacht met betrekking tot de omstandigheden waarin zij of hij zich bevindt. Welke leeftijd je er ook uitpikt, de variatie aan omstandigheden is altijd heel groot. We moeten nadenken over een bepaald individu, in welke fysieke omstandigheden zij of hij zich bevindt en met welke pijnpatronen die persoon worstelt.

 We geven het op om zo’n groots mogelijk leven te hebben als we maar kunnen. Het kan moeilijk lijken om iets anders te doen dan opgeven. Wie zou ons besluit begrijpen en ondersteunen? We geven het zodanig op dat het ons leven verkort. Je kunt kinderen hier vragen over zien stellen. Ze zien het opgeven aan ons gezicht en ze vragen: ‘Ga je dood?’ We hebben altijd gedacht dat ze probeerden uit te zoeken of de dood onvermijdelijk was en of ze veilig waren. Ik denk dat ze ook vragen stellen over de ontmoediging over het leven die van ons gezicht te lezen valt. Ik denk dat hun vraag eigenlijk is: ‘Geef je op en ga je dood?’ Min beste antwoord tot nu toe is: ‘Ik ben niet van plan om dood te gaan. Misschien gebeurt het, maar ik ben het niet van plan. Mijn bedoeling is niet om dood te gaan.’

 Ik ben er zeker van dat de geest heel lang helder en actief kan blijven, en ik denk dat het lichaam nog veel verder kan gaan dan dat wat we tot nu toe hebben gezien. Er zijn nogal wat mensen die 120 worden, en vaak zijn het mensen die een zwaar leven gehad hebben.

 We moeten consequenter over lichamelijke pijnpatronen ontladen dan de meeste van ons doen. Het is mij opgevallen dat de meeste mensen niet gemakkelijk ontladen over fysieke pijn. We kunnen niet bedenken dat dat belangrijk zou kunnen zijn. Ik denk wel dat het belangrijk is en ik ontlaad er vrij vaak over. Voor mij is het ouder worden tot nu toe aardig goed gegaan. Dingen raken niet zo snel als verwacht beschadigd. Ik doe te veel kantoorwerk en ik zit en praat veel te veel, maar dat maakt kennelijk deel uit van mijn werk. Ik kan me daardoor wel minder handvaardig voelen, omdat ik geen dingen doe die mijn coördinatie uitdagen.

 Wat wel een interessante en bemoedigende ontdekking is van de laatste jaren, is dat nieuwe zenuwcellen continu aangemaakt worden in ons brein. Net zoals in de rest van ons lichaam: wat we ook verbruiken, het wordt opnieuw opgebouwd of versterkt en nieuw dingen verschijnen. Het is kennelijk zo dat als we nadenken en nieuwe dingen ontdekken, als het leven zich nog verder opent, dan zet dat ons brein genoeg aan om zenuwcellen te regenereren. Onze patronen vertragen dat natuurlijk.

 In januari 2004 ging ik met pensioen als leraar in het voorgezet onderwijs. Ik had 35 jaar onderwijs gegeven en ik vond het heerlijk om te doen. Ik ben nu met pensioen. Binnenkort is er een hele ploeg HC-ers die zestigers zijn, sommigen krijgen pensioen en hebben meer vrije tijd dan ooit te voren. We krijgen een stukje onbedoelde speelruimte van de maatschappij. Het is de eerste keer dat we met zo’n grote ploeg zijn. We moeten deze ontwikkeling gebruiken, en de mogelijkheden die dit geeft. Bedenk eens wat we als ploeg samen kunnen doen! Bedenk dat maar als je je hopeloos voelt en denkt dat je geen keuzes meer hebt!

 Er wordt van ons verwacht dat we op dit punt aangekomen zo’n beetje in coma liggen. Het pensioen is bedoeld om ons door onze laatste aftakelende jaren heen te helpen. Maar het feit dat wij weten hoe je niet de weg hoeft kwijt te raken door een opeenstapeling van pijnpatronen, maakt dat alles anders is voor ons. Wij zitten in een positie dat we kunnen aanvechten wat de maatschappij met ouder wordende mensen doet. Wij hebben mogelijkheden die niemand voor ons had. Onze kinderen zijn volwassen, we hebben het wel zo’n beetje voor elkaar met onze partner, en we weten iets. We weten iets heel geweldigs. En we komen in de positie om dat te gebruiken.

 Denk niet dat je het moet opgeven. Je hoeft het nooit op te geven. Bedenk alleen maar want je kunt doen met deze eigenaardige en onbedoelde kans. Ben je er klaar voor om ergens twee maanden door te brengen en je ervaring, aandacht en ondersteuning in te zetten om een nieuw HC-gebied te ontwikkelen?

Dan heb ik een klus voor je.

 

Present Time 135, april 2004

 

Februari 2018

 


Last modified: 2019-05-02 15:56:34+00