News flash

Videos of SAL/UER Climate Week events

Racism and the Collapsing Society, Barbara Love and Tim Jackins, June 7, 2020

RC Webinars listing through July 2021

New Online Workshop Guidelines Modifications


 

Racisme tijdens HC-workshops en richtlijnen voor bondgenoten

Door Barbara J. Love, Internationale referentiepersoon voor de bevrijding van mensen van Afrikaanse afkomst

 

Deze lijst beschrijft enkele van de manieren waarop racisme wordt ervaren door PGM, People of the Global Majority (mensen die deel uitmaken van de meerderheid van de wereldbevolking) tijdens HC-workshops, klassen, en andere activiteiten. De opeenstapeling van deze ervaringen geeft bij veel PGM aanleiding om de HC-gemeenschap als ‘racistisch’ te bestempelen. Dat maakt dat veel PGM de HC-gemeenschap verlaten, hoezeer ze ook gebaat zijn bij de theorie en het gereedschap van het Herwaarderingscounselen. Dit draagt bij aan een ‘draaideur’ effect : PGM die de HC-gemeenschap inkomen en weer uitgaan.

 Het besluit om deze lijst te schrijven en te delen is gebaseerd op een aantal aannames:

  •  Geen enkel wit persoon zou handelen op een manier die uitdrukking geeft aan racisme, racisme in de praktijk brengt of in stand houdt als die persoon niet eerst door racisme zou zijn gekwetst.

  • Het taalgebruik en het gedrag van witte mensen, dat door PGM ervaren wordt als racisme, wordt ongemerkt en onbewust gebezigd.

  • Als witte mensen zouden beseffen dat hun taalgebruik of hun gedrag zou worden ervaren als racisme, zouden ze die taal en dat gedrag vermijden.

  • Als witte mensen meer informatie zouden hebben over het specifieke taalgebruik en gedrag dat PGM als racistisch ervaren, zouden ze betere en beter geïnformeerde beslissingen kunnen nemen over hun taalgebruik en vertoonde gedrag.

  • Witte mensen willen zich niet inlaten met racistisch gedrag, willen het racisme niet in stand houden, noch deelnemen aan de instandhouding van racistische systemen.

Een extra reden en doel voor het delen van deze lijst is woorden te verschaffen waarmee PGM en bondgenoten gedrag en taalgebruik dat als racistisch wordt ervaren, kunnen beschrijven en bespreken. Soms hebben mensen het gevoel dat er iets niet helemaal klopte aan wat ze net hebben meegemaakt of waar ze getuige van waren. Maar ze hebben moeite om te benoemen wat hen een ongemakkelijk gevoel geeft. Soms zegt een PGM “dat was racistisch” en zijn witte bondgenoten niet in staat om het racisme in taalgebruik of tijdens de gebeurtenis te begrijpen. Soms gaan witte bondgenoten ervan uit dat PGM overgevoelig zijn als ze bezwaar maken tegen bepaald taalgebruik en gedrag. Soms zal een wit persoon proberen een ander wit persoon te helpen om het racisme te begrijpen dat impliciet aanwezig is in taal en gedrag, maar die witte persoon begrijpt het gewoon niet. Ik hoop dat deze lijst het gemakkelijker maakt om racisme te herkennen, te benoemen en er gesprekken over te hebben die verandering bevorderen.

Ik hoop ook zoveel mogelijk beschuldigingen en veroordelingen uit de gesprekken over racisme te halen. Ik hoop dat meer van onze gesprekken zullen gaan over begrip en verandering, en minder op afstraffing en je slecht voelen.

De punten in deze lijst zijn gebaseerd op mijn eigen ervaringen en waarnemingen, en op ervaringen die PGM hebben opgedaan tijdens HC-bijeenkomsten. Opgemerkt moet worden dat de meeste van de in deze lijst beschreven gebeurtenissen kunnen worden opgenomen in bijna alle lijsten die relaties van dominantie en ondergeschiktheid beschrijven. Als de items van deze lijst worden gedeeld tijdens een workshop, zeggen jongeren, vrouwen, en leden van andere groepen die het doelwit zijn van onderdrukking op basis van hun identiteit, steevast dat ze dezelfde of soortgelijke ervaringen hebben. Gezien de intersectionaliteit van al onze identiteiten kun je wel stellen dat al het ontlaadwerk, dat gedaan wordt over racisme, een potentieel krachtig effect heeft op al onze relaties.

De hier beschreven ervaringen met racisme vormen een lange 'niet doen'-lijst. Een set van richtlijnen, oftewel een ‘wel doen’-lijst, is ook opgenomen voor bondgenoten. We zien bondgenoten als mensen die zich uitspreken en handelen tegen onderdrukking namens zichzelf. Het zijn mensen die bezwaar maken tegen onderdrukkend taalgebruik en gedrag, omdat dergelijk taalgebruik en gedrag in strijd is met hun visie over de wereld die ze willen realiseren. Bondgenoten handelen namens zichzelf, niet namens anderen. Bondgenoten verzetten zich tegen racisme namens zichzelf, niet namens zwarte mensen en andere mensen die deel uitmaken van de meerderheid van de wereldbevolking.

De hier beschreven ervaringen met racisme zijn genummerd en in grote lijnen in categorieën ingedeeld om ze gemakkelijker te kunnen lezen en begrijpen.

Veronderstellingen over intelligentie

  1.  Het denken van PGM in diskrediet brengen

  2. Ervan uitgaan dat zwarte mensen niet zo slim zijn als witte mensen. Ervan uitgaan dat zwarte mensen niet slim genoeg zijn.

  3. Het koppelen van intelligentie aan hoe iemand eruit ziet.

  4. Het koppelen van intelligentie aan de mate van assimilatie van een PGM in de wereld van witte mensen.

  5. Het koppelen van intelligentie aan taalgebruik, met het gebruik van ‘beschaafd’ Engels. Ervan uitgaan dat hoe meer het Engels van een PGM overeenkomt met dat van witte mensen, hoe slimmer die PGM moet zijn.

  6. Je gedragen alsof een wit iemand het beter weet.

  7. Witte mensen gaan ervan uit dat hun ideeën beter zijn.

  8. Witte mensen gaan ervan uit dat zij meer weten over de religie van mijn land dan ik, en mij wat kunnen vertellen over mijn land, religie, cultuur, enz. 

Toeschrijven

  1.  Een wit persoon herhaalt wat een PGM zegt alsof het het oorspronkelijke idee van die witte persoon is.

  2. Witte mensen herhalen een idee of een opmerking die een ander wit persoon van een PGM heeft, en schrijven dat idee toe aan de witte persoon in plaats van aan de PGM van wie de witte persoon het idee heeft overgenomen. De witte persoon gedraagt zich alsof hij of zij niet gehoord heeft dat de PGM met het oorspronkelijke idee kwam. Witte mensen die niet in staat zijn om een idee aan te horen van een PGM, en alleen in staat zijn om het idee te horen of te geloven nadat het herhaald is door een wit persoon. De witte persoon gaat dan met de eer strijken om als eerste met het idee te zijn gekomen.

  3. Witte personen die met de eer gaan strijken van ideeën, voorstellen, projecten, die afkomstig zijn van PGM.

  4. Een PGM-leider vertelt haar of zijn gedachtes in een workshop. Een wit persoon schrijft er later in een artikel over zonder vermelding van de bron van de ideeën.

Autoriteit en leiderschap

  1.  Witte mensen gaan ervan uit dat zij de leiding moeten hebben. Witte mensen gaan ervan uit dat zij de leiding hebben. Witte mensen nemen het werk of de leiding over van een PGM en geven zichzelf de leiding. Witte mensen gaan ervan uit dat als zij de leiding zouden hebben, het beter zou gaan.

  2. Witte mensen gaan ervan uit dat ze PGM kunnen of zouden moeten vertellen wat ze moeten doen (ze zeggen tegen PGM-leiders hoe ze de workshop moeten leiden, groepen moeten opzetten, welke vragen ze moeten stellen, enz.). Zodra de groep bij elkaar komt, gaat een wit persoon ervan uit de groep te leiden en begint mensen te vertellen wat ze moeten doen.

 

  1. Bij ieder onderwerp gaan witte mensen ervan uit dat wat zij weten correct, belangrijker, essentiëler en betekenisvoller is.

 

Stem, macht en positie

  1.  Alle (of de meeste) sleutelleiders zijn wit. PGM worden vaak alleen als ‘token’ ingezet.

  2. Een wit persoon praat door een PGM heen.

  3. Witte mensen zijn getraind zijn om als eerste te spreken, vaak te spreken, luid te spreken, en om als laatste te spreken.

  4. Onbekwaamheid, onwil, of gebrek aan bewustzijn om ruimte te maken voor de stem van PGM.

  5. Aannemen dat wat de witte persoon doet, belangrijker is dan wat de PGM doet of zegt.

  6. Alle ruimte in beslag nemen. Voorin de ruimte, op de matrassen, tegenover de leider, in de cirkel rond de leider, in de discussie, in de vragen en antwoorden, enz.

Centraal staan en aan de zijkant staan

  1. Witte mensen gaan ervan uit dat ze in het middelpunt van de belangstelling staan. Witte mensen gedragen zich alsof ze zelf veronderstellen dat ze het middelpunt zijn.

  2. Aannemen dat PGM automatisch een positie achterin innemen, of aan de zijlijn, in de marge.

  3. De stem en het denken van PGM neerzetten als een nabeschouwing. Eerst het plan, het programma of het standpunt voltooien, en dan PGM vragen wat ze denken, of vragen of ze iets willen veranderen of toevoegen.

  4. Geen zitplaatsen voor PGM aan een tafel.

‘Wit heeft het altijd bij het juiste eind’

  1.  Aannemen dat de manier waarop witte mensen dingen doen, automatisch de juiste manier is (de manier om te eten, je te kleden, te spreken, taal te gebruiken, huizen te schilderen, kamers in te richten, te organiseren, te schrijven, te counselen, cliënt te zijn, enz.). Proberen om een zwart persoon te leren ‘hoe te praten’ omdat PGM niet praten zoals witte mensen.

  2. Onder druk staan om de dingen op de 'witte manier' te doen.

  3. Niet herkennen van tekenen, symbolen en aanwezigheid van ‘witheid’ en witte overheersing.

 Het niet zien van PGM als gelijken

  1. Witte mensen zien zichzelf als counselers, niet als gelijken. Ze glippen in relaties van dominantie en ondergeschiktheid. Witte mensen gaan ervan uit dat ze PGM kunnen counselen, maar dat PGM hen niet effectief te kunnen counselen.

  2. Witte mensen vertonen taalgebruik of gedrag dat wordt ervaren als racistisch. Zij proberen dan de PGM, tegen wie zij racistisch waren, te ‘counselen’ om de PGM de 'gevoelens' over de slechte behandeling te laten ontladen, als een manier om de situatie op te lossen. Geen verantwoordelijkheid nemen voor het ‘opruimen’ van het racisme.

 Controle en bevestiging

  1.  Een wit persoon stelt een vraag. Een PGM geeft antwoord. De witte persoon stelt dezelfde vraag aan een wit persoon en gaat verder met het antwoord van die witte persoon. Als ze later merken dat het antwoord van de PGM correct was, gaan ze verder alsof dit gedrag volkomen normaal en acceptabel is.

  2. Een PGM geeft informatie. Deze informatie wordt niet als correct of nuttig beschouwd totdat deze door een wit persoon is gecheckt.

 Onzichtbaarheid en mensen door elkaar halen

  1. Een PGM voor een andere PGM aanzien.

  2. De ene zwarte persoon bij de naam noemen van een andere zwarte persoon, ook al hebben ze duidelijk verschillende kenmerken (lengte, huidskleur, haarstijl en textuur, enz.).

  3. Ze lijken allemaal op elkaar. (Een witte vrouw uit Boston zei dat een zwarte man haar gemolesteerd had en haar twee kinderen vermoord. De politie pakte een grote groep zwarte mannen op, groot en klein, dik en dun, gespierd, mager, fors, en lichtbruin tot zeer zwart. Op de vraag waarom ze die mannen hadden opgepakt, gearresteerd en binnengebracht voor ondervraging, zei de politie van Boston: “Ze voldoen aan de beschrijving.”

  4. Uitwisselbaarheid. Eén PGM is voldoende, de volgende is niet nodig. Individuen niet kunnen herkennen en het unieke van elke PGM.

  5. Doen alsof een PGM daar niet staat, daar niet zit, in de groep, enz. “Oh, ik zag je niet.” Een PGM praat met iemand, een wit persoon komt er aan en begint te praten met die persoon alsof de PGM er niet is. “Ik moet even heel snel iets zeggen/vragen”. “Ik moet even iets belangrijks zeggen, een minuutje maar”.

  6. De namen van PGM niet goed onthouden. De naam van een PGM verkeerd uitspreken en doen alsof dat niet uitmaakt. PGM met een verkorte versie van hun naam aanspreken, in plaats van te leren om hun naam goed uit te spreken. Aan PGM vragen of je ze gewoon een bijnaam kunt geven, aangezien hun naam zo moeilijk is om uit te spreken, in plaats van hulp vragen bij het oefenen van het correct te zeggen van de naam. 

Witte competitie om een voorkeursplek

  1. Witte mensen concurreren met elkaar en bekritiseren andere witte mensen als een manier om zichzelf te verheffen.

  2. Concurreren om de beste witte bondgenoot te zijn.

Aannames over bekwaamheid

  1. Aannemen dat racisme, diversiteit en inclusie het werk is van PGM . Aannemen dat de focus op racisme de reden is voor de aanwezigheid van PGM. Aannemen dat werken aan racisme het enige is waarin PGM deskundig kunnen zijn.

  2. Moeilijk om gekwalificeerde PGM te vinden. Als leiderschapsposities vacant zijn, nooit aan een PGM denken als de persoon om die positie in te nemen. Er is altijd wel een aanvullende kwalificatie die de PGM eerst moet hebben. Altijd moet de PGM eerst wel een bepaald pijnpatroon opruimen alvorens goed genoeg bevonden te worden om een leiderschapspositie in te nemen. PGM moeten voldoen aan strakke richtlijnen voor leiderschap, zelfs wanneer geen enkele andere leider in de regio aan die richtlijnen voldoet. Een PGM vertoont gedrag dat andere leiders ook vertonen en de PGM wordt ontslagen uit het leiderschap, terwijl witte leiders, die zich hetzelfde gedrag vertonen, hun leiderschap behouden.

Wit eigenaarschap en overheersing

  1. Witte mensen gaan er van uit dat een bepaalde PGM 'van hen' is en hun toestemming nodig heeft om iets te doen. Geen enkele andere persoon kan iets doen met de PGM, zonder te checken met de ‘eigenaar’.

  2. Een wit persoon monopoliseert de aandacht en de tijd van een PGM.

  3. Witte mensen gaan ervan uit dat ze overdreven en buitensporig familiair kunnen omgaan met een PGM.

  4. Witte mensen veronderstellen dat PGM voor hen zullen ‘zorgen’.

  5. Witte mensen gaan ervan uit dat PGM hen zullen 'bedienen'.

  6. Witte mensen proberen PGM zover te krijgen dat ze zich goed voelen over hun racisme.

  7. Witte personen doen zonder nadenken en zonder instemming een sessie over hun racisme.

Anti-zwart racisme en andere mensen die deel uitmaken van de meerderheid van de wereldbevolking

  1. Aannemen dat sommige groepen PGM superieur zijn ten opzichte van zwarte mensen. In taal en gedrag geloof hechten aan de mythe van een 'model minderheid'.

  2. Openlijk of stil ondervragen van zwarte mensen over hun ‘bootstraps’: “Waarom hebben jullie je niet aan je haren omhoog getrokken zoals de mensen van groep X hebben gedaan?” “Mijn grootouders, voorouders, enz. kwamen hier met niets, en kijk eens wat zij/wij hebben bereikt.”

  3. Concurreren om de ‘top’-minderheidsstatus.

  4. Een latina/o immigrant: een onzichtbare relatie tot verhoudingen van dominantie en ondergeschiktheid op basis van raciale identiteitsgroepen. Gebrek aan nadenken over en bewust zijn van de gevolgen van racisme op de leden van hun groep. Veronderstellen dat ze uitgesloten zijn van racistische gevolgen. In hun land van oorsprong, zijn ze geen ‘minderheid’ of ‘gekleurd’.

  5. Aziatische PGM in de positie van tussenpersoon plaatsen tussen zwarte en witte mensen. Deze strategie gebruikten de Britten in Afrika en de Caraïben tijdens het kolonisatieproject.

  6. Een PGM van een groep iets uit laten leggen over zwarte mensen. Waarom zwarte mensen doen wat ze doen, zich gedragen zich zoals zij zich gedragen, spreken zoals zij spreken of de dingen zeggen die ze zeggen.

Onwetend zijn over en blind zijn voor ras

  1. Witte mensen kunnen racisme niet herkennen en identificeren wanneer het voor hun neus gebeurt.

  2. Witte mensen weigeren om naar racisme te kijken of verantwoordelijkheid te nemen voor racisme dat zich om hen heen voordoet.

  3. Witte mensen kunnen niet, of weigeren zich effectief uit te spreken over racisme.

  4. Witte mensen zijn soms getuige van racisme, maar ze laten na om het te onderbreken. Ze raken verstrikt in het verstijf- of vluchtsyndroom. Ze willen ontsnappen en zich distantiëren van de witte persoon die op een manier heeft gehandeld die ervaren wordt als racistisch.

  5. Witte mensen zeggen: “Ik zie geen ras. Ik zie alleen maar mensen.” “Zijn we niet allemaal gelijk?” “Ik behandel iedereen hetzelfde.”

Angst

  1. Terughoudend zijn in het contact maken met PGM uit angst om fouten te maken.

  2. Niet omgaan met PGM uit angst om iets racistisch te doen.

  3. Te weinig contact maken vanwege de angst om niet te weten hoe je moet reageren of je gedragen, om het verkeerde te zeggen, om per ongeluk beledigend te zijn.

  4. Angst voor afwijzing omdat andere witte mensen racistische dingen hebben gedaan, omdat je misschien niet de juiste soort wit persoon bent, omdat je misschien niet 'hip, cool of jazzy' genoeg bent.

Contact en relaties

  1. ‘Quiz-versaties’ als een manier om contact te maken.

  2. In het nauw drijven, bedwingen of vasthouden van PGM, en hen niet weg laten komen.

  3. Een fout maken en dan weglopen.

  4. Als witte mensen op een fout gewezen worden, leggen ze uit waarom zij deden of iets zeiden, of wat er door hun hoofd ging, in plaats van zich te verontschuldigen en het op te ruimen.

  5. Een PGM vertellen hoeveel je weet over de cultuur van PGM als een manier om de PGM jou aardig te laten vinden. Uitleggen dat je in het Vredeskorps zat, of dat je een semester in hun land hebt doorgebracht, en dan aan PGM hun land, cultuur, mensen, of taal uitleggen.

Romantiseren, exotisch maken, fetisjeren en seksualiseren van PGM

  1. Iets zeggen over de schoonheid van een bepaalde groep PGM als de mooiste, vanwege hun huid, haar, ogen, lichaamsgrootte of -type, cultuur, taal, of manier van leven. Net als die groep willen zijn. Die groep nabootsen. Uitsluitend de voorkeur hebben voor zaken die verband houden met die specifieke groep en met dingen die geassocieerd worden met die groep.

  2. Reageren op leden van een bepaalde groep alsof zij een lustobject zijn.

  3. Verwijzen naar wat witte mensen ‘normaal’ doen en wat PGM doen als iets ‘vanuit hun cultuur’. Witte mensen hebben kleren aan en PGM dragen klederdracht of cultuurgebonden outfits. Gebouwen met hoeken kunnen woningen zijn en gebouwen met rondingen zijn ‘hutten’. Kleding zonder patronen is normaal, terwijl kleding met patronen en prints, die in verband worden gebracht met Afrika en Azië, exotisch en cultureel is.

 

Het claimen van een inheemse of PGM-identiteit (van een inheemse persoon)

  1. Geen huis-tuin-en-keukenrelaties ontwikkelen met inheemse mensen die inheems zijn opgegroeid.

  2. Kolonisten die een inheemse identiteit opeisen.

  3. Mensen die inheems zijn in één continent en die hun inheemse identiteit willen claimen op een ander continent.

  4. De onlangs ontdekte ‘inheems Amerikaanse’ identiteit gebruiken om deelname aan groepen, panels, fora, enz. te rechtvaardigen, die bedoeld zijn om een veilige ruimte te bieden aan inheemse Amerikanen.

  5. Landclaims van inheemse mensen bepalen zonder echte kennis van of relaties met die inheemse mensen.

Richtlijnen voor witte bondgenoten voor het beëindigen van racisme

Omdat we allemaal gesocialiseerd en geconditioneerd zijn in samenlevingen die gekenmerkt worden door racisme, hebben wij racistische patronen meegekregen. Ze zijn zichtbaar in onze taal, in ons gedrag en in onze denkgewoontes. Hoewel wij als HC-gemeenschap, ons eraan hebben verbonden om een einde te maken aan racisme, kost het tijd en welbewuste en doelgerichte ontlading en inspanning om de systematische uitingen van racisme te onderbreken en te veranderen.

Onze toewijding om een einde te maken aan het racisme is een mooie basis om besluiten te nemen, te handelen en te ontladen om relaties, gemeenschappen en HC-gebeurtenissen te creëren die steeds minder gekenmerkt worden door racisme. De hier beschreven richtlijnen voor witte bondgenoten zijn bedoeld om ons te helpen onze intentie om een einde te maken aan racisme uit te voeren.

 

Richtlijn één:

Als er iets racistisch gebeurt, duik dan niet onder, houd je niet stil en ga niet weg. Doe het volgende:

  1. Merk het op.
  2. Benoem het.
  3. Onderbreek het.
  4. Beschrijf het. Zeg wat er mis was met het gedrag of het taalgebruik.
  5. Bied ruimte voor de persoon om zich te verontschuldigen.
  6. Onderbreek elke poging om het uit te leggen. Uitleggen verergert het racisme. Uitleggen kan een manier zijn om de verantwoordelijkheid voor het racisme uit de weg te gaan. Uitleggen kan een manier worden voor witte mensen om niet onder ogen te hoeven zien dat wat zij deden of zeiden een effect had dat als racistisch werd ervaren door een PGM.
  7. Voor zover het zinvol is, ondersteun de persoon om zich in te zetten voor het beëindigen van het beledigende gedrag of taalgebruik, en aan anderen te helpen om te leren en te ontladen over dat beledigende gedrag of taalgebruik, en er een einde aan te maken.

Nog acht richtlijnen

 

I Ga op zoek naar mensen met verschillende achtergronden, maak contact en ga relaties met hen aan.

  1.  Organiseer je leven zo dat je mensen met verschillende achtergronden ontmoet.
  2. Laat ‘vertrouwd’ en ‘comfortabel’ achter je.
  3. Stel je ten doel om mensen met verschillende achtergronden te ontmoeten.
  4. Zeg: Ik probeer de effecten van ‘witheid’ en witte overheersing in mijn leven te onderbreken.
  5. Doe mee aan of zet projecten en activiteiten op die je in contact brengen met mensen met verschillende achtergronden.

II Principe van gelijkheid

  1.  Geen helpende relatie. Geen liefdadigheid. Niet 'goed werk’ doen.
  2. Streef naar con-versatie, niet naar quiz-versatie.
  3. Herhaal geen patronen van dominantie en onderdanigheid.
  4. Wees bereid om te stoppen met praten en ga luisteren.

III. Onderbreek patronen van dominantie

  1.  Weet niet alles.
  2. Heb niet de antwoorden en oplossingen.
  3. Neem niet de leiding.
  4. Wees niet degene die aanwijzingen geeft.
  5. Wees niet degene die eerst gaat.
  6. Heb niet het laatste woord.
  7. Hoef het niet bij het rechte eind te hebben.

IV. Toegewijde langdurige relaties

  1.  Streef naar langdurige relaties.
  2. Loop niet weg als het moeilijk wordt.
  3. Wees bereid om te blijven als het ongemakkelijk wordt, als je het niet eens bent met elkaar, als je boos wordt.
  4. Wees voorbereid op verschillen in levensstijl, waarden, overtuigingen, enz.
  5. Zoek gemeenschappelijke interesses.

V. Verwacht niet dat PGM je van dienst zijn. Verwacht niet dat PGM:

  1.  voor je zorgen.
  2. je gerust stellen.
  3. e er aan herinneren je een goed wit persoon bent.
  4. dingen voor je doen.
  5. diensten voor je verrichten, je bediende zijn (denk zorgvuldig na als je een PGM vraagt om je ondersteuner te zijn).

VI. Let op je gedrag

  1. Krijg namen goed onder de knie
  2. Spreek de namen goed uit
  3. Verwar de ene PGM niet met de andere. Als je dat wel doet, verontschuldig je dan en besteed er dan tijd en energie aan om namen en gezichten te onthouden.
  4. Praat niet met hen over je andere PGM-vrienden.
  5. Praat niet met hen over je PGM-oppas.
  6. Wacht lang voordat je vertelt over je PGM-vriendje van vroeger van wie je gescheiden werd en over wie je nog steeds rouwt.
  7. Praat niet over de geschiedenis of de cultuur van iemand alsof jij de expert bent. Weidt ook niet uit over jouw ervaring met iemand of iets van de cultuur van die ander.

VII. Wees bereid om fouten te maken.

  1. Erken de fout.
  2. Ruim hem op.
  3. Vraag de ander wat nodig is om eventuele schade, vanwege de fout die je hebt gemaakt, te herstellen.
  4. Verzet je tegen de drang om de fout te verklaren, of de betekenis van de fout te bagatelliseren.

VIII. Onderbreek patronen van onzichtbaarheid

  1.  Merk het op wanneer er PGM aanwezig zijn.
  2. Merk het op als ze iets te zeggen hebben. Moedig PGM aan om iets te zeggen. Maak ruimte voor PGM om te spreken.
  3. Loop PGM niet voorbij alsof ze er niet zijn.
  4. Praat niet over PGM alsof ze niet aanwezig zijn.Onderbreek patronen van racisme die andere witte mensen laten zien.

    a. Merk ze op.

    b. Benoem ze.

    c. Onderbreek ze.

    d. Leg de witte persoon de aard van het racisme uit, waarom dat taalgebruik of dat gedrag onacceptabel is.

    e. Steun die witte persoon om de fout te herstellen.

Ontladen, ontladen, ontladen. Oefenen, oefenen, oefenen. Onthoud dat als je geen fouten maakt, het waarschijnlijk is dat je het beëindigen van racisme uit de weg gaat. Als je het beëindigen van racisme niet aangaat, dan draag je bij aan de bestendiging van het racisme. Niets doen is het ondersteunen van de status quo. Je uitgangspunt moet jouw visie zijn op een wereld die voldoet aan jouw criteria voor rechtvaardigheid, eerlijkheid, gelijkheid en inclusie, en gemeenschappen en relaties die gekenmerkt worden door rechtvaardigheid, eerlijkheid, gelijkheid en inclusie.

Wij hebben allemaal racistische patronen meegekregen, maar die patronen maken geen deel uit van wie we zijn. Ons doel is het terugwinnen van onze volledige menselijkheid, de kans om relaties te hebben die die volledige menselijkheid weerspiegelen, en gemeenschappen die onze volledige wederopbloei ondersteunen.

Liefde.leven.bevrijding

Barbara Love

Amherst, Massachusetts, USA

 

 

September 2020

 


Last modified: 2020-09-12 21:12:08+00